De Tekst van 1 Samuel 25:10
"Maar Nabal antwoordde de knechten van David: 'Wie is die David? Wie is die zoon van Isaï? Er zijn tegenwoordig veel knechten die bij hun heer weglopen!'" (NBV)
Letterlijke Betekenis en Hebreeuwse Woorden
In dit vers zien we Nabal's schokkende reactie op David's beleefd verzoek om voedsel. Het Hebreeuwse woord voor "wie" (מי - mi) wordt hier tweemaal gebruikt, wat de minachting en het sarcasme in Nabal's stem benadrukt. Door David te vragen "wie is David?" en "wie is de zoon van Isaï?", doet Nabal alsof hij deze beroemde krijger niet kent, terwijl hij waarschijnlijk heel goed weet wie David is.
Het woord "knechten" (עבדים - avadim) dat Nabal gebruikt, is bijzonder beledigend. Hij vergelijkt David met weggelopen slaven, waarbij het Hebreeuwse werkwoord "wegbreken" (פרץ - parats) geweld en rebellie suggereert.
Historische Context
Dit incident vindt plaats in de woestijn van Maon, terwijl David nog altijd vlucht voor koning Saul. David en zijn mannen hadden Nabal's herders en schapen beschermd tegen rovers en wilde dieren - een vorm van bescherming die in die tijd gebruikelijk was tijdens de schaapscheerperiode. In ruil daarvoor was het normaal om gastvrijheid en voedsel aan te bieden.
Nabal was een zeer rijke man met 3000 schapen en 1000 geiten, en zijn naam betekent ironisch genoeg "dwaas" of "goddeloos". Zijn weigering om David te helpen was niet alleen onbeleefd, maar ook gevaarlijk dom, gezien David's militaire macht en reputatie.