De Zalving van Saul (1 Samuel 10:1)
1 Samuel 10:1 markeert een keerpunt in de geschiedenis van Israël: 'Toen nam Samuel een fles olie en goot die uit over zijn hoofd. Hij kuste hem en zei: De HEERE heeft u gezalfd tot vorst over zijn erfenis!'
Betekenis van de Zalving
Het Hebreeuwse woord voor zalven is 'mashach', waarvan het woord 'Messias' (gezalfde) afkomstig is. De zalving met olie was een heilige handeling die iemand apart zette voor een bijzondere roeping. In het Oude Testament werden priesters, profeten en koningen gezalfd als teken van Gods keuze en zegen.
De olie symboliseerde de Heilige Geest die op de persoon zou komen om hem te bekwamen voor zijn taak. Dit zie je later bevestigd in vers 6, waar staat dat de Geest van de HEERE over Saul zou komen.
Het Woord 'Vorst' (Nagid)
Opvallend is dat Samuel het woord 'nagid' (vorst/leider) gebruikt in plaats van 'melech' (koning). Dit Hebreeuwse woord benadrukt dat Saul een door God aangestelde leider is, ondergeschikt aan de Allerhoogste Koning. Het toont aan dat het koningschap in Israël theologisch anders was dan bij de heidene volken.
De Kus van Bevestiging
De kus die Samuel gaf was meer dan een groet - het was een zegen en bevestiging van Gods keuze. In de oosterse cultuur was dit een ceremoniële handeling die respect en erkenning uitdrukte.