De betekenis van 1 Koningen 16:5
1 Koningen 16:5 luidt: "Het verdere verhaal over Baäsa, wat hij gedaan heeft en zijn heldendaden, staat opgetekend in het boek met de geschiedenis van de koningen van Israël." Dit vers vormt de afsluiting van het verhaal over koning Baäsa van Israël en biedt belangrijke inzichten in de Bijbelse geschiedschrijving.
Baäsa: een koning onder Gods oordeel
Baäsa regeerde 24 jaar over het noordelijke koninkrijk Israël (ca. 909-886 v.Chr.) vanuit Tirsa. Ondanks zijn lange regering wordt hij negatief beoordeeld omdat hij "deed wat kwaad was in de ogen van de HEER" (vers 2). Hij volgde het zondige pad van Jerobeam, die Israël tot afgoderij had verleid met de gouden kalveren in Dan en Betel.
De formule van de kronieken
De frase "staat opgetekend in het boek met de geschiedenis van de koningen" is een standaardformule die ongeveer 30 keer voorkomt in 1 en 2 Koningen. Het Hebreeuwse woord voor "geschiedenis" is 'dibre hayamim', letterlijk "woorden van de dagen" of "dagboekverslagen". Deze verwijzing naar officiële staatsarchieven toont aan dat de Bijbelschrijver gebruikmaakte van bestaande bronnen.