Vers 1
HSV
De HEERE is mijn Herder, mij ontbreekt niets.
NBG 1951
De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets;
BGT
De Heer zorgt voor mij, zoals een herder voor zijn schapen zorgt. Hij geeft mij alles wat ik nodig heb.
Psalm 23 is een van de bekendste psalmen uit de Bijbel, geschreven door koning David. Het beeldt God af als een herder die zorgt voor zijn schapen: Hij leidt, beschermt, voedt en troost. De psalm bestaat uit zes verzen en wordt wereldwijd gelezen bij begrafenissen, in tijden van nood en als bron van persoonlijke troost.
Lees Psalm 23 in drie vertalingen naast elkaar: de Herziene Statenvertaling (HSV), de NBG 1951 en de Bijbel in Gewone Taal (BGT).
HSV
De HEERE is mijn Herder, mij ontbreekt niets.
NBG 1951
De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets;
BGT
De Heer zorgt voor mij, zoals een herder voor zijn schapen zorgt. Hij geeft mij alles wat ik nodig heb.
HSV
Hij doet mij neerliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren.
NBG 1951
Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij aan rustige wateren;
BGT
Hij leidt mij naar groene weiden, waar ik kan rusten. Hij brengt mij naar water waar ik kan drinken.
HSV
Hij verkwikt mijn ziel, Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam.
NBG 1951
Hij verkwikt mijn ziel. Hij leidt mij in de rechte sporen om zijns naams wil.
BGT
Bij hem kan ik nieuwe kracht opdoen. Hij wijst mij de goede weg, omdat hij een goede herder is.
HSV
Al ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij.
NBG 1951
Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij; uw stok en uw staf, die vertroosten mij.
BGT
Ik ben niet bang, ook al is er gevaar, ook al is het donker om mij heen. Want u bent bij mij, Heer. U beschermt mij, u geeft mij moed.
HSV
U maakt voor mij de tafel gereed voor de ogen van mijn tegenstanders; U zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over.
NBG 1951
Gij richt voor mij een dis aan voor de ogen van wie mij benauwen; Gij zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over.
BGT
U nodigt mij uit om bij u te eten. Mijn vijanden moeten toekijken. U ontvangt mij als een bijzondere gast, en mijn beker is tot de rand toe gevuld.
HSV
Ja, goedheid en goedertierenheid zullen mij volgen al de dagen van mijn leven. Ik zal in het huis van de HEERE blijven tot in lengte van dagen.
NBG 1951
Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen al de dagen van mijn leven; ik zal in het huis des HEREN verblijven tot in lengte van dagen.
BGT
Uw goedheid en liefde zullen mij altijd volgen, mijn leven lang. En ik mag altijd dicht bij u zijn, in uw huis, zolang ik leef.
Open Psalm 23 in de online Bijbel om de tekst te lezen in nog meer vertalingen (Statenvertaling, NBV21) met kruisverwijzingen en audio.
Psalm 23 werd geschreven door koning David, die leefde rond 1000 voor Christus. Het opschrift “mizmor le-David” (een psalm van David) wordt door de meeste uitleggers als authentiek beschouwd. David was de tweede koning van het verenigde koninkrijk Israël en wordt in 1 en 2 Samuël uitgebreid beschreven.
Wat Psalm 23 zo bijzonder maakt, is dat David voordat hij koning werd zelf herder was. In 1 Samuël 16:11 lezen we hoe de profeet Samuël naar Isaï werd gestuurd om een van zijn zonen tot koning te zalven — en dat de jongste, David, “de kudde aan het weiden” was. David kende het herdersleven van binnenuit: de zoektocht naar grazige weiden, het leiden van de kudde naar veilig water, het verdedigen tegen leeuwen en beren (1 Samuël 17:34-36), het verbinden van gewonde dieren en het tellen van de kudde aan het einde van de dag.
Het is niet precies bekend in welke levensfase David Psalm 23 schreef. Sommige uitleggers denken aan een periode van vervolging — bijvoorbeeld toen David voor koning Saul op de vlucht was, of tijdens de opstand van zijn zoon Absalom (2 Samuël 15-18). Anderen lezen de psalm als een meer algemene geloofsbelijdenis uit Davids latere jaren, waarin hij terugblikt op een leven vol Gods trouw. Hoe dan ook: de psalm is geworteld in concrete ervaring, niet in abstracte theologie.
In het oude Nabije Oosten was het beeld van de koning als herder wijdverspreid. Vorsten als Hammurabi van Babylon en de Egyptische farao's werden “herders van het volk” genoemd. Ook in het Oude Testament wordt de leider van het volk een herder genoemd (Numeri 27:17, Ezechiël 34). Het unieke aan Psalm 23 is dat David het beeld niet op zichzelf toepast — hoewel hij koning is — maar op JHWH: de HEER is “mijn” herder. Daarmee erkent David dat zijn eigen koningschap onder dat van God staat.
In de oudheid werd Psalm 23 in het jodendom gezongen en gereciteerd, onder meer bij sabbatmaaltijden en tijdens begrafenissen. In de vroege kerk is de psalm vrijwel meteen christologisch gelezen: de Herder uit Psalm 23 werd herkend in Jezus Christus, de Goede Herder uit Johannes 10. Door alle eeuwen heen is Psalm 23 uitgegroeid tot een van de meest gelezen, gezongen en geciteerde teksten uit de Bijbel.
Psalm 23 lijkt op het eerste gezicht eenvoudig, maar is zorgvuldig opgebouwd. De psalm gebruikt twee metaforen, een subtiele grammaticale wending, en het klassieke parallellisme van de Hebreeuwse poëzie.
Psalm 23 is opgebouwd rond twee metaforen die in elkaar overlopen. In de verzen 1-4 is God de herder en de psalmist een schaap; in de verzen 5-6 is God de gastheer en de psalmist een gast aan tafel. Beide beelden delen hetzelfde thema: volkomen zorg. De overgang zit subtiel in vers 4, waar de psalmist voor het eerst God rechtstreeks aanspreekt ("U bent met mij"). Wie zich in het dal bevindt, verschuift van spreken over God naar spreken tot God. Dit kleine grammaticale detail is theologisch groot: juist in de nood komt het gebed het dichtst bij God.
Zoals de meeste bijbelse poëzie is Psalm 23 geschreven in parallellisme: twee regels per vers die elkaar aanvullen, verdiepen of contrasteren. "Hij doet mij neerliggen in grazige weiden" wordt gevolgd door "Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren" — twee beelden van rust en voorziening die elkaar versterken. Dit is geen rijm in de westerse zin, maar een ritme van gedachten: de ene regel vraagt om de andere. Door deze structuur is de psalm in elke taal goed te vertalen zonder dat de dichterlijke kracht verloren gaat.
Een vaak overgeslagen detail: de voornaamwoorden in Psalm 23 vertellen hun eigen verhaal. Vers 1-3 spreekt over God in de derde persoon ("Hij doet", "Hij leidt", "Hij verkwikt"). Vers 4-5 schakelt over naar de tweede persoon ("U bent met mij", "U maakt voor mij de tafel gereed"). Vers 6 keert terug naar de derde persoon ("het huis van de HEERE"). Deze beweging van afstand naar nabijheid en terug weerspiegelt de ervaring van iedere gelovige: soms spreken we over God, soms tot God, en beide zijn goed. Het centrum van de psalm — en van het geloof — is de directe ontmoeting in vers 4.
Psalm 23 is rijk aan taalkundige en theologische details. Hieronder vindt u voor elk vers de Hebreeuwse grondtekst, een transliteratie, een kernwoord en een uitgebreide uitleg.
יְהוָה רֹעִי לֹא אֶחְסָר
Transliteratie: JHWH ro'i, lo echsar
Kernwoord: ro'i (רֹעִי) — "mijn herder"
David opent met een persoonlijke geloofsbelijdenis. Het Hebreeuwse "ro'i" betekent letterlijk "mijn herder" — niet "een herder" of "de herder in het algemeen", maar "van mij". David, die zelf herder was geweest voordat hij koning werd (1 Samuel 16:11), wist wat een herder precies deed: schapen leiden, voeden, tellen, verbinden wanneer ze gewond waren, en verdedigen tegen roofdieren. De uitdrukking "lo echsar" ("mij ontbreekt niets") betekent niet dat David geen verlangens meer heeft, maar dat hij geen gebrek lijdt aan wat hij werkelijk nodig heeft. In het Oude Testament worden koningen en leiders regelmatig "herders" genoemd (Ezechiël 34), en het beeld van JHWH als de opperherder van Israël komt op meerdere plaatsen terug (Genesis 49:24, Psalm 80:2).
בִּנְאוֹת דֶּשֶׁא יַרְבִּיצֵנִי עַל־מֵי מְנֻחוֹת יְנַהֲלֵנִי
Transliteratie: bin'ot deshe jarbitseni, al-mei menuchot jenahaleni
Kernwoord: mei menuchot (מֵי מְנֻחוֹת) — "wateren van rust"
Schapen drinken niet graag uit snelstromend water — ze zijn bang om meegesleurd te worden. Een goede herder zoekt daarom "wateren der rust" (mei menuchot), rustige plekken waar ze veilig kunnen drinken. Het Hebreeuwse "jarbitseni" betekent "Hij doet mij neerliggen": een schaap dat rustig gaat liggen, is een verzadigd en veilig schaap. Drie dingen moeten volgens herders samenkomen voordat een schaap gaat liggen: geen angst, geen honger, geen onrust in de kudde. Dat is precies wat de herder verzorgt. Geestelijk gelezen: God brengt de ziel tot rust daar waar zij honger en dorst heeft.
נַפְשִׁי יְשׁוֹבֵב יַנְחֵנִי בְמַעְגְּלֵי־צֶדֶק לְמַעַן שְׁמוֹ
Transliteratie: nafshi jeshovev, janchenie be-ma'gelei-tsedek lema'an shemo
Kernwoord: jeshovev (יְשׁוֹבֵב) — "Hij doet terugkeren / verkwikt"
Het werkwoord "jeshovev" komt van dezelfde stam als "shuv" (terugkeren, omkeren, bekeren). Het is hetzelfde werkwoord dat elders wordt vertaald met "bekeren" of "doen terugkeren". De herder brengt het verdwaalde schaap terug; God brengt de verdwaalde ziel terug bij zichzelf. "Het spoor van de gerechtigheid" (ma'gelei-tsedek) verwijst naar de wagensporen of paden die de kudde steeds weer bewandelt. God leidt niet willekeurig, maar volgens vaste sporen van recht — "omwille van Zijn Naam", dat wil zeggen: omdat Zijn karakter en Zijn eer ervoor garant staan.
גַּם כִּי־אֵלֵךְ בְּגֵיא צַלְמָוֶת לֹא־אִירָא רָע כִּי־אַתָּה עִמָּדִי שִׁבְטְךָ וּמִשְׁעַנְתֶּךָ הֵמָּה יְנַחֲמֻנִי
Transliteratie: gam ki-elech be-gei tsalmavet, lo-ira ra, ki-atta immadi, shivtecha u-mish'antecha hemma jenachamuni
Kernwoord: tsalmavet (צַלְמָוֶת) — "schaduw van de dood / diepste duisternis"
Het Hebreeuwse "tsalmavet" is een samenstelling van "tsel" (schaduw) en "mavet" (dood). Sommige moderne vertalingen kiezen voor "diepe duisternis", maar de traditionele lezing "schaduw des doods" blijft tekstkundig verdedigbaar. Belangrijk is dat David niet zegt "als ik sterf" maar "al ging ik ook door een dal vol schaduw": het is een weg door, niet een verblijf in. De kritische omslag in de psalm zit in dit vers: tot hier sprak David over God in de derde persoon ("Hij leidt mij"), maar nu spreekt hij God rechtstreeks aan ("U bent met mij"). De diepste nood brengt de dichter niet verder weg van God, maar dichter bij Hem. "Uw stok" (shevet) is de herdersknuppel waarmee roofdieren worden verjaagd; "Uw staf" (mish'enet) is de herdersstaf met kromming waarmee dwalende schapen worden teruggehaald. Tucht en leiding — beide troosten.
תַּעֲרֹךְ לְפָנַי שֻׁלְחָן נֶגֶד צֹרְרָי דִּשַּׁנְתָּ בַשֶּׁמֶן רֹאשִׁי כּוֹסִי רְוָיָה
Transliteratie: ta'aroch lefanai shulchan neged tsorerai, dishanta va-shemen roshi, kosi revaja
Kernwoord: dishanta va-shemen (דִּשַּׁנְתָּ בַשֶּׁמֶן) — "U zalft/maakt glanzend met olie"
In vers 5 verschuift het beeld van herder naar gastheer. "U maakt voor mij de tafel gereed voor de ogen van mijn tegenstanders": in de oude wereld betekende het delen van een maaltijd bescherming en verbond. Wie gastvrijheid ontving, kon niet meer worden aangevallen. Dat God aan de gastheerrol vasthoudt terwijl de vijanden toekijken, onderstreept de volkomen veiligheid. Het "zalven met olie" kan twee dingen betekenen: (1) het eerbiedig welkom heten van een gast — olijfolie met welriekende specerijen werd over het hoofd gegoten, of (2) de praktijk van herders die olie op de kop van schapen smeerden om vliegen, parasieten en wondjes tegen te gaan. Beide beelden zijn theologisch rijk: God ontvangt én verzorgt. De beker die overvloeit (kosi revaja) is het beeld van overvloedige genade — niet precies genoeg, maar overvloedig meer.
אַךְ טוֹב וָחֶסֶד יִרְדְּפוּנִי כָּל־יְמֵי חַיָּי וְשַׁבְתִּי בְּבֵית־יְהוָה לְאֹרֶךְ יָמִים
Transliteratie: ach tov va-chesed jirdefuni kol-jemei chajai, ve-shavti be-veit JHWH le-orech jamim
Kernwoord: chesed (חֶסֶד) — "verbondstrouw / goedertierenheid"
Het woord "chesed" is een kernwoord uit het Oude Testament. Het is nauwelijks in één Nederlands woord te vangen: "verbondstrouw", "goedertierenheid", "onverbrekelijke liefde". Het drukt de trouw van God uit die niet afhangt van de prestatie van de mens. Opvallend is het werkwoord "jirdefuni" ("zullen mij volgen"): letterlijk betekent het "mij achtervolgen". Waar David eerder misschien achtervolgd werd door vijanden, wordt hij nu achtervolgd door Gods goedheid en verbondstrouw. De climax is verblijf in het huis des HEREN — voor David niet zozeer de latere tempel (die door Salomo werd gebouwd), maar de nabijheid van God zelf. "Tot in lengte van dagen" (le-orech jamim) betekent in eerste instantie "zo lang ik leef", maar de uitdrukking opent de deur naar een bredere lezing: blijvende gemeenschap met God.
Hoewel Psalm 23 maar zes verzen telt, bevat de psalm enkele van de rijkste thema's uit de hele Bijbel: herderschap, voorzienigheid, vertrouwen en de doortocht door de dood.
Het beeld van God als herder is een van de meest hartverwarmende metaforen uit de Bijbel. In het oude Nabije Oosten werden koningen regelmatig "herders" genoemd (denk aan Hammurabi of de Egyptische farao's). Maar waar menselijke herders faalden, is JHWH de volmaakte herder. Ezechiël 34 bekritiseert Israëls falende leiders en belooft dat God zelf herder zal worden over zijn volk. Psalm 23 is een persoonlijke echo van die belofte: niet "de herder van Israël" maar "mijn herder". God is niet een abstracte kracht op afstand, maar iemand die meegaat, kent, leidt en verdedigt.
Psalm 23 gaat niet over abstracte theologie, maar over concrete voorzieningen: gras, water, paden, bescherming, een maaltijd, olie, een beker. De psalm leert dat God zorgt voor het hele leven — niet alleen voor de ziel, maar ook voor het lichaam. Dit sluit aan bij Jezus' onderwijs in Mattheüs 6: wees niet bezorgd over eten, drinken of kleding — uw hemelse Vader weet wat u nodig hebt. Voorzienigheid is niet dat alles gemakkelijk gaat, maar dat God door alles heen voorziet.
De centrale belijdenis van Psalm 23 is "ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij". Dat is geen naïeve ontkenning van het kwaad — het kwaad is reëel, het dal is reëel, de vijanden zijn reëel. Maar de angst wordt ontkracht door de aanwezigheid van God. Vertrouwen in de Bijbel is niet "geloven dat alles goed zal komen", maar "geloven dat God erbij is, ook als het niet goed komt". Dit vertrouwen is geworteld in gekend zijn: de herder kent zijn schapen bij naam (vergelijk Johannes 10:3).
Het "dal van de schaduw des doods" heeft Psalm 23 tot een vaste begeleider bij rouw en sterven gemaakt. Belangrijk is de Hebreeuwse grammatica: de psalmist gaat dóór het dal, hij blijft er niet in. De dood is een overgang, geen eindstation. Voor David, levend onder het oude verbond, was de hoop op voortleven met God minder ontwikkeld dan in het Nieuwe Testament — maar ook hij getuigt hier al van een vertrouwen dat de dood overstijgt. Jezus Christus, de Goede Herder die zijn leven geeft voor de schapen (Johannes 10:11), vervult deze hoop definitief: de dood is overwonnen.
Al meer dan tweeduizend jaar wordt Psalm 23 gelezen, gezongen en gebeden — eerst in Israël, daarna in de kerk, en vandaag in vrijwel elke christelijke traditie wereldwijd.
In het Jodendom is Psalm 23 een van de meest gelezen psalmen. De psalm wordt traditioneel gereciteerd tijdens de drie maaltijden van sabbat — vrijdagavond, zaterdagmiddag en zaterdagavond. Ook bij begrafenissen, sjiwe (de zevendaagse rouwperiode) en jaarlijkse herdenkingsdiensten (jahrzeit) klinkt de psalm. In de chassidische traditie wordt Psalm 23 beschouwd als een bijzonder krachtig gebed voor bescherming en geestelijke vernieuwing.
Vanaf de vroegste eeuwen heeft de christelijke kerk Psalm 23 gelezen als voorspel op Christus. Kerkvaders als Augustinus, Hieronymus en Ambrosius wezen de herder uit Psalm 23 aan als Jezus. In de catacomben van Rome vinden we afbeeldingen van de Goede Herder met een schaap op zijn schouders — een directe verbinding tussen Psalm 23, Johannes 10 en Lukas 15. Bij dopelingen in de vroege kerk werden de wateren van Psalm 23:2 soms met de doopwateren in verband gebracht.
Tijdens de Reformatie kreeg het zingen van psalmen een centrale plaats in de eredienst. De Geneefse Psalmberijming (1565) zette Psalm 23 op melodie, en die zetting klinkt nog altijd in Nederlandse kerken — in de 1773-berijming, de Nieuwe Psalmberijming en de herdichting van de bundel van 2019. In gereformeerde, hervormde, evangelische en rooms-katholieke kringen wordt de psalm gelezen, gezongen en overdacht. Weinig bijbelteksten zijn zo oecumenisch als Psalm 23.
Ook vandaag de dag wordt Psalm 23 dagelijks gelezen, gebeden en gezongen — in kerken, ziekenhuizen, uitvaartcentra en in stille hoekjes van het eigen huis. Hieronder enkele contexten waarin de psalm door de eeuwen heen troost heeft geboden.
Psalm 23 is wereldwijd de meest gelezen psalm tijdens begrafenissen en herdenkingsdiensten. De combinatie van intimiteit ("mijn herder"), eerlijkheid over de nood ("dal van de schaduw des doods") en onverwoestbare hoop ("ik zal in het huis van de HEERE blijven") maakt de psalm uitzonderlijk geschikt voor momenten van afscheid. Veel mensen die zelden in een kerk komen, kiezen toch deze psalm bij een uitvaart.
Tijdens langdurige ziekte, herstel na operaties en palliatieve zorg wordt Psalm 23 gebruikt als een dagelijkse bron van troost. De beelden van rust (grazige weiden, stille wateren), kracht (Hij verkwikt mijn ziel) en bescherming (stok en staf) bieden een geestelijk anker wanneer het lichaam moe of bang is. Veel ziekenhuis pastoraat in Nederland gebruikt Psalm 23 als vaste tekst bij gebed met patiënten.
In periodes van verlies, werkloosheid, echtscheiding of burn-out biedt Psalm 23 een taal voor wat onuitspreekbaar voelt. De psalm dwingt niet tot positief denken, maar leert rust te vinden in de aanwezigheid van God. De woorden "U bent met mij" zijn door de eeuwen heen door miljoenen mensen als een gebed herhaald.
Veel christenen leren Psalm 23 uit het hoofd als onderdeel van hun stille tijd. De zes verzen zijn kort genoeg om langzaam te overdenken en rijk genoeg om er levenslang in te groeien. De psalm is ook geliefd in lectio divina (biddend lezen), waarbij elke zin rustig wordt herkauwd.
Op zoek naar meer bijbelteksten voor momenten van afscheid? Bekijk onze selectie bijbelteksten bij overlijden of de overzichtspagina troostpsalmen.
Weinig bijbelteksten zijn zo diep in de westerse cultuur verankerd als Psalm 23. De zinsnede “dal van de schaduw des doods” is zelfs buiten kerkelijke kring een staande uitdrukking geworden.
Psalm 23 heeft ontelbare auteurs geïnspireerd. Nederlandse dichters als Ida Gerhardt en Huub Oosterhuis hebben eigen bewerkingen gemaakt. In de wereldliteratuur wordt de psalm geciteerd door onder meer John Steinbeck ("The Grapes of Wrath"), Harper Lee, en vele Engelstalige romans en gedichten. De zinsnede "dal van de schaduw des doods" (in het Engels "the valley of the shadow of death") is een vaste uitdrukking geworden buiten kerkelijke kring.
Psalm 23 is in talloze muzikale zettingen verwerkt. In de Geneefse Psalmberijming (1565) werd de psalm op melodie gezet; die melodie wordt nog altijd gezongen in de Nieuwe Psalmberijming en de 1773-berijming. Ook componisten als Franz Schubert ("Gott ist mein Hirt"), Antonín Dvořák (Biblical Songs) en moderne koorcomponisten als John Rutter hebben zettingen van Psalm 23 geschreven. In de popcultuur klinkt de psalm in films, tv-series en songs door.
Psalm 23 duikt op in vele films: van oorlogsfilms en westerns tot moderne drama's. Het is vaak de tekst die klinkt bij een begrafenisscène of op een moment van doodsangst. Bekende voorbeelden zijn "Titanic", "Pale Rider" en "The Lord Is My Shepherd"-afleveringen in diverse tv-series. De universele herkenbaarheid van de psalm maakt haar tot een culturele referentie die ook buiten de kerk resoneert.
Deze bijbelverzen sluiten inhoudelijk aan bij Psalm 23 — over herderschap, bescherming en Gods trouw.
Jezus identificeert zichzelf als de Goede Herder die zijn leven geeft voor de schapen.
Gods belofte dat Hij zelf herder zal zijn over zijn volk.
"Wij zijn zijn volk en de schapen van zijn weide."
"Als een herder zal Hij zijn kudde weiden."
De gelijkenis van het verloren schaap — de herder zoekt totdat hij het vindt.
"U bent teruggekeerd naar de Herder en Opziener van uw zielen."
"De grote Herder van de schapen, onze Heere Jezus Christus."
"Het Lam zal hen weiden en naar de levende waterbronnen leiden."
De psalm zelf is al een gebed. Maar wie de beelden van Psalm 23 in eigen woorden wil bidden, kan het volgende gebed gebruiken als startpunt voor persoonlijke meditatie.
Here, mijn Herder, U weet wat ik vandaag nodig heb — meer dan ik het zelf weet. Leid mij naar de groene weiden waar mijn ziel kan rusten, naar de stille wateren waar mijn hart tot bedaren komt. Verkwik wat in mij vermoeid is geraakt. Breng mij terug wanneer ik verdwaal, en wijs mij de paden van uw gerechtigheid. En als ik vandaag door een dal moet gaan — een dal van zorg, verdriet, angst of onzekerheid — laat mij dan niet vergeten dat U met mij bent. Uw stok beschermt mij, uw staf leidt mij. Ik hoef niet bang te zijn. Dank U dat U voor mij een tafel bereidt, zelfs waar ik mijzelf zwak voel. Dank U voor uw overvloedige genade, die mijn beker vult tot over de rand. Dank U dat uw goedheid en trouw mij achtervolgen — niet mijn angsten, niet mijn fouten, niet mijn verleden. Laat mij wonen in uw nabijheid, vandaag en al mijn dagen. Door Jezus Christus, de Goede Herder, die zijn leven gaf voor zijn schapen. Amen.
De meest gestelde vragen over Psalm 23 — van wie de psalm schreef tot de betekenis van specifieke verzen en woorden.
Psalm 23 werd geschreven door koning David, de tweede koning van Israël, die leefde rond 1000 voor Christus. Het opschrift van de psalm luidt in de Hebreeuwse tekst "mizmor le-David" ("een psalm van David"). David was voordat hij koning werd zelf herder (1 Samuel 16:11), wat verklaart waarom hij de herder-metafoor zo vanzelfsprekend gebruikt.
Psalm 23 is vermoedelijk geschreven tijdens Davids koningschap in de 10e eeuw voor Christus (rond 1000 v.Chr.). Sommige uitleggers suggereren dat David de psalm schreef tijdens of na een periode van nood — mogelijk tijdens zijn vlucht voor Saul of tijdens de opstand van zijn zoon Absalom. Zeker is het niet: de psalm zelf noemt geen specifieke historische aanleiding.
Het Hebreeuwse woord "tsalmavet" is een samenstelling van "tsel" (schaduw) en "mavet" (dood). Het beschrijft een plek van diepe duisternis, gevaar en dreiging — niet per se de letterlijke dood, maar elke situatie waarin de dood dreigt. In herderstermen is het een donkere ravijn waar roofdieren kunnen schuilen. Belangrijk is dat David zegt "al gíng ik door een dal" — het is een doorgang, geen verblijfplaats. De kern van het vers is niet de duisternis, maar de belijdenis "U bent met mij".
Psalm 23 wordt vaak gekozen bij begrafenissen omdat het op unieke wijze de realiteit van de dood erkent én overstijgt. De psalm noemt expliciet het "dal van de schaduw des doods", maar plaatst de overledene onder de bescherming van een trouwe herder. De slotbelofte "ik zal in het huis van de HEERE blijven" biedt hoop op voortbestaan in Gods nabijheid. Ook mensen die verder weinig met de kerk hebben, ervaren deze psalm als troostrijk.
De beginwoorden in het Hebreeuws zijn: "JHWH ro'i, lo echsar" (יְהוָה רֹעִי לֹא אֶחְסָר) — "De HEERE is mijn herder, mij ontbreekt niets." De godsnaam "JHWH" (het tetragrammaton) wordt in Joodse traditie niet uitgesproken en in het Nederlands vertaald als "HEERE" (in de Statenvertaling en HSV) of "Here" (in de NBG 1951). Het woord "ro'i" betekent letterlijk "mijn herder".
Het kernwoord van Psalm 23 is het persoonlijk voornaamwoord "mijn" — "mijn herder". De hele psalm draait om die persoonlijke relatie: niet "een God" of "de God", maar "mijn God". Een tweede kernwoord is "chesed" (goedertierenheid, verbondstrouw) in vers 6: God's onverbrekelijke trouw die David "achtervolgt" zijn hele leven lang.
De stok (shevet) is de korte herdersknuppel die gebruikt werd om roofdieren te verjagen en om schapen te tellen. De staf (mish'enet) is de lange herdersstaf met een kromming aan het eind, waarmee verdwaalde schapen uit kloven of bosjes werden teruggehaald. De stok staat voor bescherming, de staf voor leiding en correctie. Samen vormen ze een beeld van Gods complete zorg: Hij verdedigt én Hij stuurt — en beide werken troostend.
De overvolle beker in vers 5 is een beeld van overvloedige genade en zegen. In de oosterse gastvrijheid was een volle beker een teken van eerbied voor de gast; een overvolle beker drukte uitbundige gulheid uit. Theologisch betekent het dat God niet precies genoeg geeft, maar overvloedig meer dan nodig. Jezus zal later in Johannes 10:10 zeggen: "Ik ben gekomen, opdat zij leven hebben, en overvloed hebben."
Het zalven van het hoofd met olie had in de oude wereld twee betekenissen. Ten eerste: het was een gebaar van eerbiedige gastvrijheid — gasten werden ontvangen met welriekende olie over het hoofd (vergelijk Lukas 7:46). Ten tweede: herders smeerden letterlijk olie op de kop van hun schapen om vliegen, parasieten en wondjes te behandelen. Beide beelden zijn theologisch betekenisvol: God ontvangt zijn kinderen met eer én verzorgt hun wonden.
In Johannes 10 past Jezus de herder-metafoor op zichzelf toe: "Ik ben de goede herder. De goede herder geeft zijn leven voor de schapen" (Johannes 10:11). Daarmee identificeert Hij zich met de HERE van Psalm 23. De kerk leest Psalm 23 sinds de vroegste tijden christologisch: de herder die David bezong, openbaart zich in Jezus Christus. Jezus gaat zelfs nog verder dan de psalm: Hij geeft niet alleen zorg, maar ook zijn leven.
Het Hebreeuwse werkwoord "jirdefuni" betekent letterlijk "zullen mij achtervolgen". Waar vijanden David eerder achtervolgden, achtervolgen nu Gods goedheid (tov) en verbondstrouw (chesed) hem — elke dag van zijn leven. "Chesed" is een kernwoord uit het Oude Testament dat Gods onverbrekelijke, trouwe liefde uitdrukt. Het is een liefde die niet afhangt van prestatie of stemming, maar die verbonden is aan Gods karakter.
Psalm 23 is om meerdere redenen wereldwijd de bekendste psalm geworden. Ten eerste: het beeld van de herder is universeel en hartverwarmend. Ten tweede: de psalm is kort (zes verzen) en daarom goed te onthouden. Ten derde: de psalm combineert op unieke wijze de erkenning van nood ("dal van de schaduw des doods") met onwrikbaar vertrouwen. Ten vierde: de psalm is geschikt voor vrijwel elke levensfase — van vreugde tot rouw. Ten vijfde: cultureel is de psalm zo vaak geciteerd dat ook niet-gelovigen de tekst vaak herkennen.
Er is niet één "beste" vertaling — elke vertaling heeft een eigen doel. De Statenvertaling (SV) en Herziene Statenvertaling (HSV) volgen de Hebreeuwse zinsbouw nauwkeurig en klinken plechtig. De NBG 1951 is een klassieke literaire vertaling. De NBV21 streeft naar helder modern Nederlands. De Bijbel in Gewone Taal (BGT) kiest voor eenvoudige, toegankelijke taal. Voor bijbelstudie is het waardevol om meerdere vertalingen naast elkaar te lezen.
Psalm 23 heeft zes verzen. Het is een van de kortste en meest compacte psalmen in het Psalter, maar tegelijk een van de rijkste qua beelden en theologische diepte.
Psalm 23 wordt doorgaans niet tot de expliciet messiaanse psalmen gerekend (zoals Psalm 2, 22, 72 of 110), maar wel christologisch gelezen. Dat wil zeggen: de herder over wie David zingt, wordt door de kerk herkend in Jezus Christus als de Goede Herder (Johannes 10). Psalm 23 spreekt niet rechtstreeks over de Messias, maar bereidt wel het beeldenveld voor waarin Jezus zich later zou openbaren.
Ja, Psalm 23 wordt al duizenden jaren als gebed gebruikt. De psalm is geschreven als persoonlijke geloofsbelijdenis en leent zich uitstekend voor persoonlijk gebed — of je nu de woorden letterlijk bidt of ze overdenkt in stille tijd. Veel christenen leren de psalm uit het hoofd om hem in moeilijke momenten te kunnen aanroepen. Ook in liturgische vieringen (doop, huwelijk, uitvaart, avondgebed) wordt Psalm 23 gebruikt als gemeenschappelijk gebed.
Wilt u dieper graven in Psalm 23? Stel uw vraag aan de BijbelAssistent en krijg uitleg met verwijzingen naar de grondtekst, kruisverwijzingen en commentaren.
In de online Bijbel, met meerdere vertalingen.
Uitleg per hoofdstuk van het hele boek Psalmen.
De zeven mooiste psalmen voor troost en bemoediging.
Jezus als de Goede Herder — de vervulling van Psalm 23.
Troostende bijbelteksten voor afscheid en rouw.
De meest geliefde bijbelverzen in één overzicht.